Zoeken

Taalunie Zomercursus Nederlands

Taal, cultuur en beroep

Auteur

verhalen vertellen

De laatste lesdag

Vandaag ronden we de cursus af met evaluaties van alle activiteiten, frietjes en natuurlijk de slotavond.

Gisteren was dus onze laatste lesdag. Wie dacht dat we niet meer veel deden, vergist zich!

Bij Traject 1: media en politiek schreven de studenten een nieuwsbericht. Misschien kan u het thema van de workshop raden als u zo een zelf geschreven nieuwsbericht  leest?

Er werd ook een spel gespeeld rond politiek en democratie. Met de EDUbox moeten studenten aan de hand van vragen  tot een systeem van samenleven komen, wat stof geeft tot discussie en argumentatie.

Bij Traject 2: cultuur en literatuur kwam professor Yves T’Sjoen op bezoek om zijn passie rond poëzie te delen.

A4876B2D-BD21-475D-823C-084A4B7DE6372575224A-4ACB-492F-990F-7268A5AFBF3794F9A4FF-1E27-484F-BE97-2700D77D49BD

In Traject 4: Taalkunde en didactiek speelden ze ook een herhalingsquiz.

E16F68CF-2244-4EBE-91B5-84936B0DAFBD

De studenten gaven ook microlessen, waarin ze konden toepassen wat ze leerden in de workshops rond didactiek en taalkunde. Zo maakten twee studenten een oefening rond een gedichtje van Maud Vanhauwaert, waarbij ze de studenten vroegen hun antwoorden door te sturen via Mentimeter. Hieronder het resultaat!

microles

 

Advertenties

Posters

Dit jaar mochten de studenten per bedrijfsbezoek één vorm uitkiezen waarmee ze over hun ervaring wilden communiceren. De presentaties zullen te zien zijn op de slotavond vrijdag. De blogberichten kon u hier al lezen.

En de posters ten slotte kan u hier bekijken. Veel leesplezier!

 

Vlaanderen: een caleidoscopisch startpunt van inspiratie

Auteurs: Margherita Ferrera – Alisa Novoselova –  Salome Tsereteli

Het Departement van Cultuur, Jeugd en Media is een van de belangrijkste organisaties voor de Vlaamse regio’s. Zijn bedoeling is onder andere de verhoging van het culturele bewustzijn in Vlaanderen. Om dit te doen, werkt hij nauw samen ook met de Europese Unie. De coördinator van de Creative Europe Culture Desk mevrouw Gudrun Heymans vertelde ons wat de rol van het Departement is in het Vlaamse gemeenschap.

Een van de meest bekende projecten is Ultimas. Sinds 2016 worden Vlaamse kunstenares voor hun werken herkent. De laureaten zijn architecten, culturele ondernemers en dichters. Er is zelfs ook een circus prijs, waarin ze geen dieren gebruiken, wat het een innovatief circus maakt. Ultimas heeft niet alleen een lokale dimensie, maar ook een internationale kant: een van de laureaten van het laatste jaar was Lukas Dhont, de regisseur van het internationale geprezen film Girl. Ultimas aanmoedigt ook jonge artiesten door de Bill Award: deze prijs geeft de kans aan jongen om hun werk aan de wereld te tonen.

Vlaams departement

Maar de Vlaamse cultuur blijft niet meer alleen in Vlaanderen. Het departement maakt het bekend dankzij de volgende organisaties: Vlamingen in de wereld, Europalia en Creatief Europa. Het achterst is het 7-jarige subsidieprogramma van de Europese Commissie ter bevordering en ondersteuning van de internationale samenwerking in de culturele, creatieve en audiovisuele sector.

Het was aanmerkelijk voor ons dat het departement verschillende culturele aspecten van de Vlaamse steden accentueert. Elke stad heeft haar eigen kenmerk: Brussel heeft musea, bier en chocolade, Antwerpen is een stad van dichters, Gent de muziek stad en Brugge is de middeleeuwse stad waar tijd heeft gestopt. En ook was het voor ons een onschatbare ervaring in het omgaan met zo’n cruciale persoon in het leven van Vlaanderen.

 

Twee drukke dagen bij TV Oost

We hebben ons bedrijfsbezoek bij TV Oost, een regionaal televisie die bij het mediabedrijf Concentra, hoort. TV Oost maakt nieuws over lokale kenmerken en evenementen die in Oost-Vlaanderen gebeuren. Er werken ongeveer vier vaste en vier freelancer journalisten hier en het bedrijf is verdeeld over twee studio’s, een in Sint-Niklaas en een in Antwerpen.

foto1

Op maandag, 12 augustus, gingen we naar een wielwedstrijd, Binck Bank Tour. Ons doel was om de bekendste rijders van Vlaanderen te interviewen en beeldmateriaal over de wedstrijd te maken. We maakten interviews met Greg van Avermaet,  Oliver Naesen en Laurens de Plus en filmden de start. Op deze dag vindt de eerste etappe van de wedstrijd plaats die van Beveren tot de Nederlandse Hulst duurde.

Na de wielwedstrijd gingen we terug naar Sint-Niklaas om de schepen van Openbare Werken, Carl Hanssens, te interviewen. Hij sprak erover dat de ramen op kosten van de stad worden gewast, omdat door de werken aan het stadhuis het stof er in het rond vliegt.

De volgende dag, 13 augustus, gingen we naar een persconferentie over de Internationaal Straattheaterfestival van Beveren die van 23 tot 25 augustus 2019 plaatsvindt. We interviewden Raf van Roeyen, de schepen van Feestelijkheden, die uitlegde dat het festival gratis voor iedereen is omdat ze een goede samenwerking hebben met andere lokale festivals. Tijdens het laatste weekend van de Beverse Feesten, zullen zo’n 50 acts uit de hele wereld te bewonderen zijn in het centrum van de gemeente.

Na de interviews en de verzameling van alle noodzakelijke materialen gingen we naar de studio in Antwerpen om te zien hoe de beelden worden samengesteld. Het was heel interessant om inzicht te krijgen in hoe de nieuwsmateriaal wordt gekozen en bewerkt. We leerden veel over de technische kant van TV interviews en de dagelijkse leven van een mediabedrijf.

Wij danken de Taalunie en TV Oost voor deze fantastische ervaring!

Lilla Ágota Gáspár en Anna Mihlic

Het bezoek aan Maastricht University’s Talencentrum

Maastricht University’s Talencentrum is een instelling waar mensen uit de hele wereld talencursussen kunnen volgen. Aan de universiteit kunnen de studenten talen leren, van Arabisch tot Russisch. De leerprogramma’s van het centrum worden altijd aangepast aan de behoeftes van studenten. Bovendien zorgt het Talencentrum ervoor dat de studenten lessen van moedertaalsprekers krijgen. Omdat het Talencentrum zo veel mogelijkheden biedt op het gebied van vreemdetalenonderwijs, waren we echt blij dat we een kans hebben gekregen om daar een tweedaagse stage te kunnen lopen.

foto1

Toen we in Maastricht aankwamen en naar de universiteit gingen, ontmoetten we Mariëlle, de communicatiemedewerkster die ons over het Talencentrum vertelde. Ze introduceerde ons ook aan de andere medewerkers. Daarna hadden we de mogelijkheid om te zien op welke manier de lessen worden gegeven en ook om de studenten te leren kennen. De eerste dag brachten we door als toehoorders om inzicht te krijgen in het werk van de docenten. De volgende dag konden we op basis van onze observaties een eigen stukje les op A2-niveau voorbereiden en het aan de Duitse studenten geven. Onze taak was om de regel “zou+infinitief” uit te leggen en oefeningen, ook in de vorm van spelletjes, met hen te doen. We kregen ook steun van de docenten bij de lesvoorbereiding. Verder gaven we op de tweede dag van ons bezoek presentaties over onze vaderlanden aan de medewerkers van het Talencentrum, wat aanleiding gaf tot een discussie over Polen en Wit-Rusland.

Het hele bezoek aan het Talencentrum was een leerzame ervaring. De eerste dag liet ons namelijk zien hoe het werk in een soortgelijk bedrijf eruitziet, terwijl de tweede dag ons onze kennis in de praktijk liet omzetten. Daarnaast kregen we de kans om onze communicatieve en interculturele vaardigheden tijdens de presentaties te verbeteren.

Aliaksandra Sheleh en Kinga Żebryk                                                                                                14/08/2019

 

Een reis door tijd en taal – De Koninklijke Bibliotheek Brussel

De naam van het treinstation beschrijft het precies: Brussel Centraal ligt in het midden van de stad. Het is druk, er lopen veel mensen op straat, verrast zien we ten eerste een grote witte smurf vlakbij het station en we realiseren ons dat we heel weinig over Brussel weten.

foto1 “Elke stad die ik ga bezoeken geeft mij een verschillend gevoel. Als ik naar Brussel kwam vond ik het een klein beetje chaotisch. Voor mij waren er te veel mensen en er gebeurde altijd iets op straat. Maar de stad heeft ook enkele intrigerende aspecten.

Ik hou normaal gezien niet veel van kerken, maar de kathedraal van Sint-Michiel en Sint-Goedele, die je op de foto kan zien, is voor mij een prachtig voorbeeld voor wat ik van architectuur in Europese steden het leukst vind. De hele stad is vol van verschillende stijlen architectuur. Als je door de stad loopt, altijd de geur van lekkere wafels ruikt en jouw omgeving bekijkt is het de beste manier om Brussel te leren kennen.”

We worden hartelijk verwelkomd door het Centrum voor de Bibliografie van de Neerlandistiek in de Koninklijke Bibliotheek Brussel. We hopen dat de medewerkers ons kunnen helpen onze kleine kennis te vergroten. Ten eerste bezoeken we de boekentoren waar we hele de omvang van de Bibliotheek ontdekken.

“De bibliotheek heeft 16 verdiepingen alleen vol met oude en nieuwe boeken, kranten en documenten. De kamers met boeken zien er donker en onpersoonlijk uit, maar als je een oogje op de boeken laat vallen, kan je zien dat er veel interessants en unieks bij is. Het gebouw heeft twee versies van elk document, dus je kan bedenken, dat er heel veel van zijn. Van fictie boeken, schoolboeken, proefschriften tot telefoonboeken, kranten en brochures. Alles wat in België wordt gepubliceerd zou in de boekentoren bewaard zijn. We vonden de telefoonboeken helemaal interessant, omdat zij een klein deel van onze geschiedenis voorstellen, die nu in onze hedendaagse leven overbodig zijn.”

“Je voelt de meertaligheid in Brussel altijd en overal. Hoewel we met de  medewerkers in het Nederlands praten, worden we vaak ook in het Frans aangesproken. Maar in het depot van de bibliotheek zijn niet alleen deze twee talen van belang. Er zijn boeken in alle talen te vinden. Ook de vorm van de publicatie is zo veelzijdig zoals Brussel zelf. Hier vind je duidelijk meer dan ik had verwacht. Stoffen boeken voor kleuters, mangaverhalen en een grote variëteit aan flyers.”

“De bibliotheek houdt zich ook bezig met de restauratie van duizenden boeken, handschriften en tekeningen. Ik krijg de indruk dat er te veel materiaal en te weinig tijd voor de restauratie is, want papier dat niet zuurvrij is raakt snel in verval. Die bibliotheek moet prioriteiten stellen en de tijd is de tegenstander tot het doel van conservatie. We bezoeken het restauratieatelier en zien hoe geconcentreerd en precies de mensen aan het werk gaan om prachtige schriftstukken te behouden.”

“Ik dacht dat ik niet zo van oude handschriften en boeken zou houden, maar onze gids heeft een erg aanstekelijke interesse voor de exemplaren en hij vertelt daar heel gepassioneerd over. Daarmee wordt ook mijn interesse in dit deel van de culturele geschiedenis opgewekt. De boeken werden toen met de hand geschreven en met kleuren en beelden versierd. Natuurlijk was dat voor die tijd heel duur, maar het wordt later met hulp van de boekdruk iets goedkoper gemaakt.

De boeken die we bekijken komen uit de 14e tot 16e eeuw en ze zijn in een erg goede toestand, dankzij het restauratieatelier en de speciale voorwaarden, waarin ze worden bewaard.”

 

foto6

“Eigenlijk hadden we een beetje van alles: Nieuwe boeken, oude boeken, een  stadsrondleiding en veel informatie over de geschiedenis van het land. Bijzonder interessant vond ik een oud boek van de bekende anatoom Andreas Vesalius. Later word ik me ervan bewust wat voor een privilege het was zo een belangrijk boek in het origineel te zien.”

Wist je dat?

  • De KBR bewaart 8 miljoen documenten
  • De nationale verzameling munten en penningen bevat meer dan 220.000 voorwerpen
  • Het Handschriftenkabinet bewaart ongeveer 35.000 handschriften, waaronder 4.500 middeleeuwse codices.
  • De afdeling Oude en kostbare drukwerken bewaart ongeveer 282.000 gedrukte volumes
  • De databank van het Centrum voor de Bibliografie van de Neerlandistiek bevat ruim 300.000 titels

Als je meer wil weten bezoek: http://www.kbr.be

Katharina Pütz en Nika Štrovs

Op ontdekking bij de Vlaamse overheid

Op maandagochtend gingen we met z’n achten naar het Vlaamse Departement Buitenlandse Zaken in Brussel. We waren verbaasd dat er tot nu toe nog geen Instagram account voor het VDBZ, hoewel de officiële Twitter en Facebook al lang hebben bestaan. Dus, een goeie kans voor ons! We hebben daar even over gesproken en beslisten dat een van de twee opdrachten was om twee berichten voor het VDBZ te posten, door het account @Devlaamseambtenaar. Meer weten hierover? Je vindt het in dit studentenverslag.

Andere studenten maakten deze poster over hun ervaring bij het Vlaams Departement Buitenlandse Zaken.

Een levensverhaal bij In Flanders fields

Auteurs: Lukas Rosenberg en Nargis Kurtkaya

Voor het bedrijfsbezoek waren wij bij het In Flanders Fields museum in de vredestad Ieper. Het is een museum dat zich bezig houd met de voorstelling van de Eerste Wereldoorlog rondom Ieper en in West-Vlaanderen. Zoals het al in het motto van de stad staat, is ook de missie van het museum over de oorlog en de gevolgen in te lichten en daardoor ook een boodschap over de betekenis van vrede te verspreiden. Hiervoor kan men sinds 2012 een nieuwe permanente tentoonstelling met een verhaal van de jaren in de oorlog en de gevolgen bekijken. Daarnaast zijn ook tijdelijke tentoonstellingen deel van het museum. Toen we er waren, ging het over de gevolgen van de Eerste oorlog onder de titel To end all wars? In elk geval is de menselijke ervaring tijdens de oorlog een van de belangrijkste delen van de tentoonstellingen. Daarnaast maakt het landschap om Ieper een groot deel van het verhaal uit, omdat geen levende getuigen meer iets over de oorlog kunnen vertellen.

Naast een eerste oriëntering in de tentoonstellingen en de voorstelling van de educatieve dienst van het museum, die de tentoonstellingen en de verhalen voor leerlingen voorbereidt, konden we zelf deel van de missie van het museum worden. De persoonlijke menselijke ervaring wordt per armband, die men bij de ingang ontvangt en aan het begin kan personaliseren, realiteit. Daardoor volgt men bepaalde individuele verhalen door de tentoonstelling. Op bepaalde punten kan men de armband met computerchip voor een punt houden en op een scherm het verhaal over een individu, wiens leven door de oorlog wordt beïnvloed, lezen. Deze verhalen worden door de vrijwillige en  vaste medewerkers onderzocht. Wij hebben telkens een verhaal over iemand onderzocht, die ook met ons in verband staat. Voor een student uit Göttingen (Duitsland) was het de zoon van de filosoof Edmund Husserl, die voor de Eerste wereldoorlog hoogleraar aan de Universiteit in Göttingen  was. Het andere verhaal was over de Duitse soldaat Karl Koch. Zijn verhaal gaat over zijn ervaringen tijdens de oorlog en zijn leven daarna als invalide. Daarvoor konden wij in het kenniscentrum van het museum gebruik maken van de bibliotheek, fotocollecties enz. en ons steentje bijdragen.

flanders fields

Zo konden wij historisch onderzoek met authentieke bronnen doen en tegelijkertijd bescheiden materiaal voor de tentoonstelling klaarzetten. Voor mensen in de culturele sector is dit niet alleen een inzicht in het dagelijkse werk, het is een kans om geschiedenis en een boodschap te presenteren, dus direct aan de herinnering aan de Eerste Wereldoorlog bij te dragen.

Het levensverhaal van Wolfgang Husserl kunnen jullie hier nalezen!

Bruggen slaan – Het Museum Plantin-Moretus in internationale context

foto1Het Museum Plantin-Moretus bestaat sinds 1876, toen de laatste inwoners het woon- en werkhuis aan de stad Antwerpen verkochten. Christoffel Plantijn stichtte 1576 de drukkerij en uitgeverij Officina Plantiniana. Plantijn kwam vanuit Frankrijk naar Antwerpen, een stad die net in  economische en culturele bloei was en waar mensen naar verschillende luxeproducten, en ook naar boeken, verlangden. Plantijn bouwde zijn bedrijf van nul op, dat gedurende negen generaties door zijn familie werd beheerd. Het Plantin-Moretus huis werd een centrum van de boekdrukkunst, dat veel verschillende soorten boeken en prenten heeft geproduceerd.

Aan het eind van de 18de eeuw nam de economische betekenis van de uitgeverij af, maar ze bleef belangrijk erfgoed: in het prentenkabinet, de bibliotheek en de archieven hebben bezoekers de mogelijkheid onderzoek te doen met meer dan 20.000 tekeningen, talrijke schilderijen, 25.000 oude drukken, 638 handschriften en talloze documenten.

Tegenwoordig zijn in het museum niet alleen de historische werkruimtes en zaken uit het drukkersbedrijf te zien, maar onder meer ook woonkamers van de familie, familieportretten van Rubens en boeken en prints uit de drukkerij en uitgeverij. De combinatie van woon- en werkplaats zorgt voor een intrigerende ervaring van het leven en werken in het verleden van de 16de tot de 19de eeuw.

Internationale Perspectieven

Voor internationale bezoekers kan deze zoektocht iets persoonlijks zijn: is er iets in de verzameling bijzonder interessant, nieuw of al bekend? Is er een band tussen het museum en hun land van herkomst? Door deze band kan er iets over het verleden ervaren worden, bijvoorbeeld over geschiedenis van wetenschap, processen van uitwisseling of boekdrukkunst in de vroegmoderne tijd.

Het museum, en vooral Odette Peterink uit het publieksteam, is altijd op zoek naar verschillende perspectieven op het museum, de tentoonstellingen en onderwerpen. Deze perspectieven zijn niet alleen een interessante evaluatie, zij kunnen ook nieuwe inspiratie geven  en het museum toegankelijker maken voor bezoekers uit verschillende landen.

foto2

Tijdens het taalunie-bedrijfsbezoek was het een van de opdrachten voor de studenten een persoonlijk indruk van het Museum Plantin-Moretus te krijgen en naar sporen van hun thuislanden te zoeken. Iedereen was dus op zoektocht en wat er gevonden werd zal hier uitgelegd worden.

Persoonlijke Perspectieven

Anastasiia (Rusland)

Ik wil het museum uit het perspectief van de gewone Rus bekijken. Toen ik voor de eerste keer naar het museum kwam, kon ik meteen een verschil tussen musea in Rusland en hier voelen. In het museum vind je alles. Het is interactief, bijvoorbeeld kan je sommige boeken doorbladeren of op een stoel zitten en jezelf een vriend van Christoffel Plantijn voelen of met je eigen handen papier en perkament aanraken die de familie heeft gebruikt. Voor mij was het heel bijzonder omdat ik nog nooit perkament heb aangeraakt.

Het museum heeft ook activiteiten voor kinderen. Bijna alle musea in Rusland vergeten dat kinderen bestaan en concentreren alleen op volwassenen. Maar hier vindt iedereen iets leuks, bijvoorbeeld zie je hoe een boek eigenlijk wordt gemaakt. Er zijn ook kleurplaten voor kinderen (en soms misschien voor hun ouders ook).

Wat prachtig is, is dat het museum Plantin-Moretus echt voor iedereen is. Mensen met een beperking kunnen het ook bezoeken. Hoewel de bovenverdieping niet toegankelijk voor rolstoelgebruikers is, is het beter dan in een heleboel musea in Rusland.

Wat bezoekers uit Rusland zeker moeten zien? Ik zou zaal 23 aanraden. Er is een boek met kaarten die je kan doorbladeren en proberen Rusland te vinden! (Zoek niet alleen maar Moskou maar ook kleine steden bijvoorbeeld Vologda).

Highlight: De tuin.
Het is een mooie plek om te rusten en nog over de familie van Plantijn na te denken.

foto3

Katka (Tsjechië)

Wat is voor mij, als een Tsjech, in het Plantin- Moretus Museum bijzonder aansprekend? En welke associaties heb ik? Met deze vraag ben ik door het museum gegaan.

Vanaf de eerste pronkzaal was ik gefascineerd hoe trots de Antwerpenaars zijn op het werk, de boekdrukkunst en de omvangrijke collectie van Christoffel Plantijn en de familie Moretus.

Ik dacht natuurlijk na over de positie van de boekdrukkunst in Tsjechië. Er waren enkele boekdrukcentra in Praag, Brno, Plzeň en Kutná Hora. Vooral de oude werken zijn voor de geschiedenis wel belangrijk, omdat ze ook in het Tsjechisch zijn geschreven, wat in het zoeken naar de Tsjechische identiteit een significante rol speelde. Maar misschien is toch de positie van de boekdrukkunst in onze geschiedenis niet zo verankerd als in Antwerpen. En het wordt alleen door enkele kleine exposities of occasionele tentoonstellingen herinnerd. Misschien kan het Plantin- Moretus Museum voor ons een goed voorbeeld zijn, hoe we onze boekdrukkunst  geschiedenis kunnen presenteren.

Het Plantin- Moretus huis was niet alleen het centrum van de boekdrukkunst, maar ook het centrum van kennis, wetenschap en cultuur. Dat heb ik gemerkt, toen ik de bibliotheek van het Plantin- Moretus Museum ben binnengekomen. De inrichting van de bibliotheek herinnerde me aan twee grote bibliotheken in Tsjechië- Strahov en Klementinum. Hoge rekken van boeken, bustes van grote auteurs en wereldbollen, dat alles kan je in de bibliotheek van Plantin- Moretus huis in Antwerpen zoals in Strahov bibliotheek en Klementinum in Praag vinden. Een interessant verschil is dat in Antwerpen de bibliotheek door burgers werd geleid, die tot de bepalende maatschappelijke klasse behoorden. In Praag was het de kerk. Maar het verlangen naar kennis blijft volgens mij gelijk… ongeacht de plaats.

Highlight: De grote bibliotheek.

De boekdrukkunst was eigenlijk het internet van 16e eeuw, het eerste massamedium en in het midden van dat alles stond zeker Plantijns bedrijf als het informatiecentrum van zijn tijd.

Plantin-wb-3

Julia (Duitsland)

Op zoektocht naar verbindingen met Duitsland zijn enkele objecten opmerkelijk, die de bezoekers meenemen op een reis van het handschrift naar het gedrukte boek.

Daarbij is een kopie van s. Johannes’ Apocalypsis uit de bijbel uit West-Duitsland bijzonder interessant. Het handschrift dateert uit de tweede helft van de 15de eeuw, een tijd waarin het kopiëren van boeken meestal alleen door moeilijk overschrijven mogelijk was. Daardoor waren boeken duur en voor vele mensen ontoegankelijk. Dit object toont hoe indrukwekkend deze handschriften kunnen zijn: er is niet alleen het artistieke handschrift maar ook de illustraties.

In Duitsland is Joannes Gutenberg voor iedereen bekend als de uitvinder van de moderne boekdrukkunst met losse letters en de drukpers. Het drukken met losse, dus regelbare en herbruikbare, loden letters was een mediarevolutie: boeken werden goedkoper, toegankelijker en alledaagser. In het museum is een van de zogenaamde ’36-regelige Gutenbergbijbels‘, genoemd naar het aantal gedrukte regels per kolom, te zien, een van de oudste tastbare gedrukte boeken ter wereld. De bijbel werd met het oorspronkelijke lettermateriaal van Joannes Gutenberg gedrukt en slaat een brug tussen de uitvinding van de boekdrukkunst in Duitsland rond 1450 en de bloei van de boekdrukkunst, zoals hier in de Officina Plantiniana in de 16de en 17de eeuw.

In het museum zijn niet alleen originele drukken en handschriften verzameld, maar ook reproducties, waarin bezoekers kunnen bladeren en lezen. Een van deze boeken is Klederdracht uit Europa, Azië, Afrika en Amerika van Abraham de Bruyn, een boek dat 1581 in Antwerpen gedrukt werd. De kunstenaar Abraham de Bruyn is in Antwerpen geboren en overleed in Keulen, waar hij ook een lange tijd woonde en werkte. In dit meest bekende boek van hem zijn klederdrachten uit de hele wereld verzameld – of tenminste afbeeldingen ervan, hoe de tijdgenoten zich deze verbeeldden. Ook over de mode uit enkele steden in Duitsland is er iets te vinden. De gedetailleerde afbeeldingen zijn de moeite waard! Met de verzameling van zijn gravures toont de Bruyn de bezoekers hoe verschillend maar ook internationaal boeken uit Antwerpen kunnen zijn.

Highlight: Interactief.

In elke kamer is er iets te zien, te ontdekken en te proberen: test eens hoe papier en perkament aanvoelen, luister naar het tikken van de oude klok, lees in de reproducties of druk zelf iets!

 

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑